Het Amsterdamse nachtleven is wereldwijd bekend en geroemd, maar hoe staat het met de nachtcultuur in de stad? AT5 hield een enquête onder nachthoreca-ondernemers, waar 26 zaken aan meewerkten. Er is veel liefde voor de nachtcultuur, maar echte zorgen zijn er ook. Zo neemt bij een groot deel het aantal bezoekers af, worden de inkomsten minder en geeft bijna de helft aan zorgen te hebben over het voortbestaan van de zaak. “Je merkt dat er veel harder geknokt moet worden en dat de vijver kleiner is.”
De lampen van de zaal in de Bitterzoet weerkaatsen op de discobal die in het midden hangt. Eigenaar Bas Louwers staat op het podium van zijn poppodium en club aan de Spuistraat. “Het mooiste wat ik hier heb meegemaakt? Oef…” Hij denkt even na en noemt dan een aardige lijst met artiesten. “Gregory Porter vond ik heel erg tof, Skrillex heeft hier gestaan en de tent afgebouwd en in het begin hebben hier ook Amy Winehouse en Pharrell gestaan.”
Louwers is trots als hij kijkt naar wie de zaal op stelten heeft gezet, maar ook naar de functie die de Bitterzoet heeft. “We zijn een springplank voor opkomende artiesten en het is vet om ze daarna in een uitverkochte Paradiso of AFAS te zien staan.” Hoe het volgens hem zou zijn als de Bitterzoet zou verdwijnen? “Een catastrofe natuurlijk.”
Bezoekersaantallen lopen terug
Dat bijna de helft van de ondernemers in het onderzoek aangeeft dat zij zich zorgen maakt over het voortbestaan van de zaak, komt natuurlijk niet zomaar. Volgens veel ondernemers is een belangrijke reden de terugloop van het aantal bezoekers. Meer dan de helft van de zaken die hebben meegewerkt aan het onderzoek gaf aan dat dit bij hen het geval is.
“Voor corona was het al duur, maar daarna is alles alleen maar duurder geworden”, geeft een van hen aan. Een andere eigenaar is het daarmee eens. “De stad wordt alsmaar duurder, waardoor mensen keuzes moeten maken. Gaat je leuke avond dan een hap in je inkomen nemen?”
Ook Louwers zag het aantal bezoekers teruglopen in het begin van dit jaar. “Waarbij we ons echt afvroegen: hoe komt dit? We gingen namelijk wel kijken: wat doen we mis, of wat moet er anders? Over de gehele linie had iedereen in de sector er last van. Dat is wel weer aangetrokken, maar het nachtleven heeft het wel zwaar.”
Dat de bezoekers wegblijven, heeft volgens Louwers onder andere te maken met het feit dat het jongere publiek het uitgaansleven te duur vindt. “Het is een algemene trend dat jongeren op het moment minder uitgaan. Ze zijn bezig met een healthy lifestyle en halen daardoor minder lang door. Ze hebben ook gewoon minder te besteden.”
12 euro vodka ice tea
Jongeren op straat beamen dat ze vanwege de kosten die het uitgaansleven met zich meebrengt wel rekening houden met hoe vaak ze uitgaan. “We proberen zo min mogelijk uit te gaan”, zeggen twee meiden. “Het is toch wel hard voor de bankrekening. We gaan denk ik een keer per twee weken.”
Een jongen die we spraken gaat wel een keer per week, maar probeert ook soms een ander feestje te regelen. “Even wat rust pakken en lekker naar een huisfeetje. Dat is een goede bezuiniging.” Want de rekening kan behoorlijk hard gaan in de club, legt een meisje uit. “Je betaalt voor een vodka ice tea al gauw 12 euro in de club. Dat is heel veel geld.”
Het is dan ook niet zo gek dat maar liefst driekwart van de ondernemers aangeeft dat bezoekers minder geld uitgeven bij de bar. Zo rond de 70 procent ziet ook dat ze minder drinken in de club en eerder weer vertrekken naar huis. Bij de Shelter in Noord zien ze dat bijvoorbeeld ook, zo legt manager Zep Fransen uit. Met de club en de bezoekersaantallen gaat het erg goed, maar de uitgaven bij de bar lopen wel terug.
“Wij vonden het belangrijk om er wel weer voor te zorgen dat jongeren uitgingen, want je las in het nieuws steeds dat dat niet zo was. We hebben de club 18+ gemaakt. Daardoor is de gemiddelde besteding wel omlaaggegaan, maar is het wel voor ons dé belangrijkste reden dat het nu bij ons goed gaat.” Het teruglopen van de barinkomsten probeert de Shelter op te vangen met bijvoorbeeld de inkomsten van een photobooth.
Financiële zorgen
Ongeveer 40 procent van de zaken in ons onderzoek geeft aan op het moment financiële zorgen te hebben. Naast de afnemende bezoekersuitgaven hebben ook de stijgende huur-, energie- en loonkosten een grote rol in die zorgen. “Het is steeds én, én, én. Honderd keer een beetje is ook een hoop uiteindelijk”, aldus een van de ondernemers.
“Je merkt wel dat er veel harder geknokt moet worden en dat de vijver kleiner is. Daar zitten we met een hele hoop clubs met een hengeltje in”, zo legt Louwers de huidige situatie uit. Die concurrentie vindt hij dan ook erg jammer. “Je zit elkaar in het vaarwater.” Daardoor is er steeds minder ruimte om te experimenteren met concepten, iets wat het Amsterdamse nachtleven juist zo bijzonder maakt volgens hem.
Fransen is juist van mening dat dit soort ontwikkelingen wel bij het Amsterdamse nachtleven hoort. “Toen ik jong was, was er een hype op hitjes en hiphop. Toen stonden al die clubs in het centrum helemaal vol. Zelfs op dinsdagen en woensdagen. Het is pittig doordat het nu niet zo is, maar je moet gewoon blijven doorontwikkelen en dingen bedenken om je club weer vol te krijgen. Dat is alleen niet altijd makkelijk.”
Geen steungevoel vanuit gemeente
Een ander punt dat meerdere ondernemers aanhalen als een reden voor de zorgen, zijn de gemeentelijke regels en subsidies. “De gemeente zorgt voor steeds meer regels, terwijl de hele sector eigenlijk nog altijd aan het herstellen is van covid”, zegt een van de ondernemers. “Er ontstaan scheve situaties door clubs in de buitengebieden van de stad vanwege ruimere vergunningen, subsidies en lagere huren.”
Daarom geeft 67 procent aan dat zij voor hun gevoel niet genoeg steun krijgen van de gemeente en is voor meer dan de helft het gemeentelijk beleid juist belemmerend. Louwers is het daarmee eens. “Ik heb het idee dat het centrum een beetje overgeslagen wordt. Dat er onderschat wordt wat het nachtleven betekent voor de stad.”
Cultuurwethouder Touria Meliani zegt in een reactie op het onderzoek het belang van een bruisend nachtleven in te zien. “We moeten ook echt in de gaten houden waardoor bestaande nachtclubs het erg moeilijk hebben, maar die veranderingen horen er ook bij.”
De wethouder vindt het wel erg dat zo’n groot deel van de horecagelegenheden zich zorgen maakt over de toekomst. “We moeten er aandacht voor hebben en ons best blijven doen.” Meliani wijst wel op de mogelijkheden die er zijn met het nieuwe beleid. “We hebben middelen beschikbaar gesteld voor bestaande clubs. Subsidiemogelijkheden om te kunnen experimenteren met de programmering. We zien dat clubs in het centrum dat ook wel doen, maar er zijn er ook een aantal die dat niet doen.”
Meliani zegt zich juist hard te maken voor alle zaken in de stad die nachtcultuur laten bruisen, maar: “We kunnen niet dit soort commerciële bedrijven allemaal subsidiëren.” Het stadsbestuur wil dan ook echt graag meewerken en meedenken. “Dat is alleen niet eenvoudig.”
Louwers heeft een iets minder positieve blik dan de cultuurwethouder. “Ik hoop dat er genoeg clubs blijven, dat het aanbod ook divers blijft en dat we bruisend nachtleven houden, maar het staat er niet super rooskleurig voor.”